27 april 2010 door Dennis Westerhuis
Amsterdam, 26 april – Tussen de bezoekjes van Goedemorgen Nederland en Supportersvereniging Ajax-voorzitter Daniël Dekker in, heeft Darko nog wel een gaatje. Denk dus maar niet dat de Ajax-supporter zich verveelt in het Ajax Glazen Huis, want zowel binnen als buiten zijn ‘huis’ speelt zich continu van alles af.
Mooie vent. Breed lachend maakt hij een gebaar van ‘kom er maar in’. De deur staat al open vanwege de warmte in zijn hok van vier vierkante meter. Op badslippers en in zijn onafscheidelijke Ajax-shirt gaat hij achter zijn bureau zitten, continu naar buiten zwaaiend en met een half oog op de binnenkomende mailtjes. Al meer dan honderd heeft hij er deze ochtend gehad. “Ach, dit is allemaal zo leuk. Eigenlijk heb ik helemaal niets met al die computerapparatuur, maar onderhand ben ik er aardig handig in geworden. Ik krijg alleen maar leuke berichtjes, en ik wil ze allemaal beantwoorden.”
Nog altijd verwondert hij zich om de aandacht die hij krijgt. Hij is toch maar een ‘doodnormale’ fan. “Man, ik heb Sjaak Swart al ontmoet, en ook Stefan Petterson. Dat zijn helden, grootheden! Ik mag slapen op de plek waar zij gehuldigd zijn. En het grappige is dat zij het juist bijzonder vinden dat ik dit doe.”
De media en mensen buiten op straat vinden dat ook. Darko is populair. Groepen meisjes gillen naar boven, waarop de 25-jarige Amsterdammer enthousiast terugzwaait. Geluid dringt bijna niet door in de plexiglazen kubus. “Ik slaap prima. Ik heb geen last van lallende mensen of alle trams. Sterker: ik heb aan de mensen van de organisatie hier gevraagd of ze me ’s ochtends wakker willen maken, anders ben ik bang dat ik teveel mis.” In het tot veredeld Ajax Museum omgetoverde hok – “Ik wou dat al deze spullen van mij waren”- mist hij naar eigen zeggen alleen zijn vriendin. Gelukkig voor het samenwonende stel mag zij haar vriend wel af en toe komen bezoeken. Blijven slapen mag echter niet, al telt het smalle bed daar ook geen ruimte voor.
“Waarom ik graag in dit huisje wil zijn?”, herhaalt de student Evenementenmanagement de vraag. “Op deze manier wil ik laten zien dat supporters wat voor hun club over hebben, en dat ik met Ajax meeleef deze spannende laatste week. Ik hoop met zoveel mogelijk andere fans te kunnen chatten en feesten, om er met elkaar een mooie laatste week met twee bekers van te maken.” Als buiten twee jongens hard ‘Ajax’ beginnen te roepen, steekt hij juichend zijn arm de lucht in. “Mooi hè”, kijkt hij tevreden. “Echt, van mij mag het hier de hele dag vol staan. Hoe meer zielen, hoe meer vreugd.”