Van de tribune: Enjoy the games!

26 februari 2010 door John den Braber

Drie dagen wordt er niet geschaatst in Richmond. Normaliter blijft een journalist dan lekker lang uitslapen, neemt een uitgebreid ontbijt en doet vooral rustig aan. Op de Olympische Spelen gaat die vlieger niet op. Er is immers altijd nieuws, maar belangrijker nog, er is te veel te beleven. Want wat is er leuker dan naar een sport gaan, waar je de ballen verstand van hebt?

Dus sta ik voor dag en dauw op om naar het Vancouver Olympic Centre te gaan. Daar wordt namelijk het curling afgewerkt, een sport die mij totaal vreemd is. Goed, ik heb de avond vooraf even op internet gezocht, maar dat ik er nu echt iets van snap, nee. Vanuit Richmond, waar alleen het schaatsen plaatsvindt, is er een prima skytrain verbinding met Vancouver. Terwijl we richting downtown zoeven raak ik aan de praat met Richard. Hij is vrijwilliger van het organiserende olympisch comité en gaat iedere dag naar het curling. Daar moet hij namelijk buiten bij de hal iedereen verwelkomen. Een niet te onderschatten taak, want je staat de godganse dag op je benen. Bovendien is het zinnetje ‘enjoy the games’ mij al snel gaan vervelen; laat staan wat het met hem moet doen.

Toch is Richard trots om deel te nemen aan ‘the greatest show on earth’, zoals hij het evenement in zijn geboortestad omschrijft. ‘Wist je dat er meer dan 30.000 vrijwilligers meehelpen om deze spelen te doen slagen?’, zegt hij op een vaderlijke toon. Ik schud mijn hoofd. Natuurlijk weet ik dat wel, maar ik wil de man graag zijn verhaal laten doen. ‘Vanuit heel Canada komen mensen naar Vancouver en iedereen werkt belangeloos om de mooiste winterspelen ooit te verwezenlijken. De één zit op een bus en pendelt de hele dag toeschouwers van de venue naar het station. De ander staat op de hoek van de straat en helpt mensen oversteken. ‘Wanneer ik naar het waarom van de massale behulpzaamheid vraag, kijkt hij verontwaardigd op. ‘Omdat we iedereen de Canadese spirit willen meegeven natuurlijk!’

Richard heeft gelijk. Een evenement als de Olympische Spelen draait op vrijwilligers en zonder hen zou er niets te sporten vallen. Daarom twijfel ik er ook aan of wij ooit een dergelijke klus kunnen uitvoeren. Nederlanders staan niet te trappelen om anderen te helpen, laat staan voor niets. En om dan 30.000 man in de zomervakantie te mobiliseren? ‘Weet je’, vervolgt de man zijn betoog. ‘Sport zit diep in ons hart en juist daarom zijn we ook niet zo goed als die verdomde Amerikanen. Canadezen zijn geen killers en geven na verlies onze helden een schouderklop en zeggen ‘volgende keer meer geluk, maar je hebt je best gedaan.’ De druk is enorm voor die jongens en meiden die het nu voor ons moeten doen. Daarom sta ik nu bij de ingang van het Vancouver Olympic Centre. Ik sta letterlijk achter hen.’

Wanneer we bij de venue aankomen, zeg ik Richard gedag en wens hem een fijne tijd. Het Vancouver Olympic Centre blijkt niet zo indrukwekkend als de naam doet vermoeden. Ik vind het stoer dat ik hier ga kijken en loop met een glimlach de zaal binnen. Maar liefst vier wedstrijden zijn tegelijkertijd aan de gang en aangezien ik aan de zijkant zit, besluit ik me op Zwitserland-Canada te concentreren.

Curling blijkt een fantastisch schouwspel en de variatie aan deelnemende personages is fascinerend. Iets te dikke dames worden afgewisseld door enorme spetters als de Helveetse Carmen Schäfer, compleet met tongpiercing. Het is een mix van jeu de boules en schaken op het ijs. De Canadezen winnen uiteindelijk door een meesterlijke worp van de 43-jarige Cheryl Bernard, een prachtige wat oudere dame met een enorme neus.

Bij het verlaten van het stadion word ik door twaalf vrijwilligers gedag gezegd en valt de term ‘enjoy the rest of the games’ meerdere malen. Ik moet direct aan Richard denken. Na een snelle hap loop ik richting Skytrain en daar zie ik hem plotseling staan. Zijn shift zit erop en hij ziet er moe uit. Een curlingwedstrijd duurt namelijk wel even, dus zijn werk is flink vermoeiend. ‘Did you enjoy the games sir?’ ‘Absolutely’, antwoord ik, terwijl ik bijkans tegen hem aangedrukt sta in de propvolle trein.

Bij de halte Aberdeen stapt de man op de stoel naast ons uit. Richard vraagt beleefd aan de dame naast hem of zij wil zitten. Ik krijg een brok in mijn keel. De man die al de gehele dag op zijn benen staat, geeft de ‘hemelse’ zitplaats aan een supportster van het Zweedse curlingteam. Het overdragen van de Canadese spirit is immers belangrijker dan zijn eigen stalpoten. ‘Thanks for letting us enjoy the games Richard’, roep ik terwijl we het station verlaten. ‘You’re welcome sir, you’re welcome!’ Hoe mooi de prestaties van de sporters ook mogen zijn, de ware helden van de Olympische Spelen zijn de vrijwilligers. Ik neem mijn petje diep voor hen af.

John den Braber is freelance muziek- en sportjournalist. Hij publiceert onder meer in Off The Record, Wieler Magazine en Revu. In een vorig leven was de Rotterdammer topsporter en nam hij als wielrenner tweemaal deel aan de Olympische Spelen.
http://www.denbraber.nl

 

Richard

Richard

 

  • Print
  • email
  • RSS
  • Google Bookmarks
  • del.icio.us
  • Facebook
  • Hyves
  • LinkedIn
  • Twitter
  • eKudos
  • MSN Reporter
  • PDF

Reageren